e worden bekwamer en de spullen worden slechter
Ingenieurs kunnen meer dan ooit, en toch gaat bijna alles wat je koopt achteruit. Dat is geen tegenspraak. Iets laten falen in jaar vijf vraagt meer precisie dan iets laten meegaan, dus bekwaamheid is niet de tegenkracht van verval maar de voorwaarde ervoor. Technologie schept geen kwaliteit, ze schept speelruimte, en die ruimte wordt naar beneden benut.
De vraag¶
Wij zijn als soort bekwamer dan ooit. Er zijn meer ingenieurs, betere gereedschappen, snellere iteratie, en kennis die vroeger in een bibliotheek lag ligt nu in een zoekbalk. En toch is bijna alles wat je vandaag koopt slechter dan wat je grootouders kochten. Dat lijkt een tegenspraak. Het is er geen.
Falen op afspraak is moeilijker dan meegaan¶
Hier zit de kern, en het is contra-intuitief. Iets laten meegaan is niet het moeilijke deel. Het moeilijke deel is iets laten falen op het juiste moment.
Een handgemaakte schoen kun je niet betrouwbaar laten slijten op de dag dat de garantie verloopt. Handwerk faalt willekeurig: de ene is uitzonderlijk goed, de andere valt na een half jaar uit elkaar, en de maker weet zelf niet welke hij in handen heeft. Wie op die manier geplande veroudering probeert, krijgt geen herhaalaankoop maar een klachtenstroom en klanten die niet terugkomen.
Pas met precisieproductie krijg je de controle om iets consistent net-genoeg te maken. Je moet de levensduur van een lager kennen tot op de duizend uur om hem te kunnen kiezen op vierduizend. Dat vraagt meetapparatuur, materiaalkennis, statistiek en procesbeheersing. Geplande veroudering is dus geen teken van verval in vakmanschap. Ze is er een toepassing van.
Bekwaamheid is niet de tegenkracht van slechte producten. Ze is de voorwaarde ervoor. Wat bepaalt of die bekwaamheid naar boven of naar beneden wordt gericht, is de prikkel, niet het kunnen.
Technologie schept speelruimte, geen kwaliteit¶
Elke technologische sprong wordt verkocht als een verbetering van het product. Meestal is het een verbreding van de keuzeruimte. Je kunt hetzelfde maken voor minder, of iets beters maken voor hetzelfde. In een markt die op prijs concurreert, wordt die ruimte vrijwel altijd naar beneden benut.
Het scherpste voorbeeld staat bij mij in de douche. Een quartzuurwerk is technisch superieur aan een slingeruurwerk, dat staat buiten kijf. Een goede quartzklok haalt seconden per jaar. Het goedkope ding dat ik vorig jaar kocht, loopt binnen een jaar vijf tot vijftien minuten voor of achter, de batterij was na twaalf maanden op, en het verstellen voelt als een operatie met een hamer. Mijn staartklokken zijn mechanisch, twee eeuwen ouder in ontwerp, en lopen nauwkeuriger dan dat.
Dat is het bewijs in zijn zuiverste vorm. De technologie won. Het product verloor. De winst is niet in nauwkeurigheid gaan zitten maar in prijs, tot precies onder de drempel waarop de koper het nog net niet merkt in de winkel.
De meetbare as wint¶
Waarom dan die drempel, en niet hoger? Omdat concurrentie zich richt op wat te vergelijken is op het moment van kopen.
Prijs is meetbaar. Specificaties zijn meetbaar. Levensduur is dat niet, want die blijkt pas jaren later en de koper is dan al weg. Repareerbaarheid is niet meetbaar in een advertentie. Het gewicht van een deur die dichtvalt is niet meetbaar. Dat een klokkenmaker bestaat die je klok over twintig jaar nog kan openmaken, staat op geen enkel etiket.
Mercedes had hier ooit een woord voor en een afdeling bij. Gebruikswaarde: hoe voelt een ding in gebruik, en hoe krijgen we dat beter. Ingenieurs die materialen en mechanismen bleven wisselen tot een deurgreep goed aanvoelde. Dat werk is niet in een folder te zetten. Dus verdween het als eerste, terwijl de merknaam bleef.
Wat overblijft is een markt waarin elke fabrikant precies zo goed is als de koper kan controleren voor hij betaalt, en niet beter. Niet omdat de ingenieurs het niet kunnen. Omdat niemand betaalt voor wat niet te zien is.
Wat dit betekent voor onbekwaamheid¶
Dit nuanceert mijn eigen these, en dat hoort. Veel van wat eruitziet als onbekwaamheid is dat niet. Als een bedrijf een deurgreep bouwt die na drie jaar knerpt, is er meestal geen ingenieur die het niet beter wist. Er was een prikkel die de betere greep niet beloonde.
Maar het omgekeerde geldt ook. Waar niemand meer weet hoe het goed moet, is de keuze op den duur niet eens meer beschikbaar. Klokkenmakers zijn grotendeels verdwenen. Als het ambacht weg is, is de terugweg afgesloten, ook voor wie wil betalen. Dan is de prikkel uitgemond in echte onbekwaamheid, een generatie later.
Zo hangen de twee samen: de prikkel richt de bekwaamheid, en op lange termijn bepaalt de prikkel welke bekwaamheid er uberhaupt nog is.
Zie ook Geplande veroudering vraagt vakmanschap, Bijna alles wat ik bezit is ouder dan ik, en dat is een meting en Een boete is voor een groot bedrijf geen straf, maar een rekening.
- Richtlijn (EU) 2024/1799 over gemeenschappelijke regels ter bevordering van reparatiede wettelijke erkenning dat producten korter meegaan dan nodig