e kunt vergeten dat je je iets herinnerde
Er bestaat een gemeten effect waarbij mensen zich een gebeurtenis wel herinneren, maar vergeten zijn dat ze zich die eerder ook al herinnerden. Dat betekent dat het gevoel hier heb ik nooit eerder aan gedacht geen bewijs is. Je geheugen houdt geen logboek bij van zijn eigen raadplegingen, en dat is precies wat een meting wel doet.
Een raar effect¶
Er is een verschijnsel in het geheugenonderzoek dat me niet loslaat sinds ik ervan hoorde. Mensen kunnen zich iets herinneren en tegelijk vergeten zijn dat ze zich datzelfde eerder ook al herinnerden.
Het heet in de literatuur het forgot-it-all-along-effect. Arnold en Lindsay bouwden er in 2002 een laboratoriumversie van, in een artikel dat simpelweg Remembering remembering heet, in het Journal of Experimental Psychology. Zij werkten voort op een idee van Schooler en collega's uit 1997, dat oorspronkelijk kwam uit de discussie over herinneringen die pas jaren later boven komen.
De kern van hun bevinding: of je je herinnert dát je je iets herinnerde, hangt af van de context waarin dat de vorige keer gebeurde. Haal dezelfde herinnering in een andere setting op en het voelt nieuw, ook als je hem twee weken eerder al had.
Waarom dat ongemakkelijk is¶
Ik dacht altijd dat mijn geheugen twee dingen deed: bewaren en teruggeven. Dit laat zien dat het een derde ding niet doet, en dat ik dat wel aannam.
Het houdt geen logboek bij van zijn eigen raadplegingen.
Dat betekent dat het gevoel "hier heb ik nooit eerder aan gedacht" geen enkel bewijs is. Het is een indruk over een indruk, en juist die tweede laag blijkt onbetrouwbaar. Hetzelfde geldt voor "dat heb ik nooit gezegd" en "dat wist ik niet". Die zinnen kunnen volstrekt oprecht zijn en toch onjuist, zonder dat er iemand liegt.
Wat dit met mijn werk te maken heeft¶
Alles, eigenlijk.
Mijn hele methode is gebouwd op het uitschakelen van precies dit soort onbetrouwbaarheid. Een meting van vorig jaar weet exact wanneer ze is gedaan en wat ze toen zag. Ze heeft geen indruk over of ze dit al eens eerder heeft waargenomen, ze heeft een tijdstempel.
En het verklaart iets waar ik in de praktijk tegenaan loop. Als ik een organisatie confronteer met een bevinding, krijg ik regelmatig te horen dat men dit niet wist of dat er nooit eerder op is gewezen. Ik nam vroeger aan dat zulke antwoorden vaak strategisch waren. Ik denk nu dat ze veel vaker gewoon waar aanvoelen voor degene die ze uitspreekt, ook als er een oude e-mail bestaat die het tegendeel bewijst.
Dat is geen excuus voor de organisatie. Het is wel een reden om het bewijsstuk te zoeken in plaats van de vraag te stellen. Niemand kan met terugwerkende kracht in zijn eigen hoofd nagaan wat hij ooit wist.
De regel die eruit volgt¶
Voor mijn eigen manier van werken komt het hierop neer.
Vertrouw nooit op iemands herinnering aan zijn eigen kennis, ook niet op die van jezelf. Vraag om de vastlegging: het bericht, de commit, de HAR, de datum. En als die er niet is, noteer dan dat er niets is, in plaats van iemands indruk over te nemen als feit.
Dat klinkt streng, maar het is eerlijker dan het alternatief. Mensen die dit niet weten, worden voor leugenaar uitgemaakt op grond van een geheugenfunctie die simpelweg niet bestaat.
Zie ook Een overtuigde getuige is geen betrouwbare meting, Decenniumgrenzen worden achteraf aangebracht en Klagen plant zich voort als een besmetting.
- Elizabeth Loftus, "Creating False Memories", Scientific American, 1997het experimentele werk waarmee valse herinneringen zijn opgewekt