ndré van Duin maakte van komedie een remedie
Van Duin combineerde vakken die zelden in één mens zitten: hij schreef, speelde, zong en deed het technische werk achter zijn eigen producties. Wat mij bezighoudt is niet die veelzijdigheid, maar wat de humor deed. Een land dat net uit een oorlog kwam kreeg iemand die het liet lachen, en dat lachen was geen verstrooiing maar verwerking.
De combinatie die je zelden ziet¶
André van Duin deed dingen die normaal over meerdere mensen verdeeld zijn. Hij bedacht en schreef zijn eigen materiaal, speelde het zelf, zong, en bemoeide zich met het technische werk achter de schermen. Later bleek hij ook serieus te kunnen acteren, en op hoge leeftijd vond hij zichzelf opnieuw uit als presentator van een bakprogramma dat een heel ander publiek trok.
Zo'n combinatie van maken, uitvoeren en zelf aan de knoppen zitten zie ik zelden bij één persoon. In de meeste producties is dat werk juist opgeknipt. De een schrijft, de ander speelt, een derde regisseert, een vierde zit aan de techniek. Elke schakel kent maar een deel van het geheel. Van Duin hield die schakels in één hoofd. Dat betekent dat hij de grap kon aanpassen op het moment dat hij hem speelde, en de timing kon bijstellen omdat hij wist wat de techniek aankon.
Ik herken die manier van werken. Wie het hele ambacht in één hoofd houdt, van het idee tot de uitvoering tot de laatste knop, maakt iets wat een opgeknipt team moeilijk evenaart. De verantwoordelijkheid ligt dan ook op één plek. Er is niemand om naar te wijzen als het niet werkt.
Er zit ook een prijs aan die manier van werken. Wie alles zelf doet, kan zich achter niemand verschuilen en moet elke zwakke plek in het geheel zelf dragen. De schrijver kan een matige acteur redden, en andersom. Wie beide rollen zelf speelt, heeft dat vangnet niet. Dat maakt de eis aan de vakman zwaarder. Elke schakel moet op orde zijn, want er is geen tweede hoofd dat de gaten opvangt. Dat Van Duin dat decennia volhield, zegt iets over de breedte van zijn vakmanschap.
Wat de humor deed¶
Wat mij meer bezighoudt dan die veelzijdigheid, is wat het effect ervan was. Nederland kwam uit een oorlog en de generatie daarna droeg dat mee, vaak zonder erover te praten. Het spreken over verlies en angst zat niet in de cultuur van die jaren. Je hield je groot, je werkte door, je bouwde het land weer op. In die tijd kreeg het land iemand die het aan het lachen maakte.
Dat lachen had een functie. Voor veel mensen was het een van de weinige plekken waar het even lichter werd. Humor doet iets met verdriet wat een gesprek niet altijd voor elkaar krijgt. Het maakt het draagbaar zonder dat je het hoeft uit te leggen. Je zit in een zaal, of voor de televisie, en je lacht om iets onnozels. Voor de duur van die lach is de druk eraf. Je hoeft niemand iets te bekennen. Je hoeft je verdriet niet eens te benoemen om er even minder last van te hebben.
Dat is een oud mechanisme, en het is breder dan één land of één tijd. In veel culturen krijgt de lach een plek juist rond de dood en de rouw, bij de nabestaanden thuis, waar naast de tranen ook wordt gelachen om de overledene. De lach en het verdriet sluiten elkaar niet uit. Ze houden elkaar in evenwicht. De hofnar mocht dingen zeggen die niemand anders mocht zeggen, juist omdat het als grap was verpakt. Komedie geeft een samenleving een manier om naar haar eigen pijn te kijken zonder dat het ondraaglijk wordt. De lach opent een deur die een ernstig gesprek dichthoudt.
Er zit nog een tweede werking in. Lachen is een sociaal ding. Je lacht samen, in een zaal of aan tafel, en dat samen lachen bindt. Een generatie die zich groothield en zweeg, kon in die gedeelde lach even iets delen wat ze in woorden niet deelde. Niemand hoefde te bekennen dat het zwaar was. Toch wist iedereen in de zaal dat het zwaar was, en juist daarom kwam de lach zo hard. De grap was de vermomming waaronder de erkenning kon meeliften. Op die manier doet komedie iets wat een preek of een troostwoord niet doet. Ze laat mensen samen de last aanraken zonder dat iemand zich hoeft bloot te geven.
Van Duin bereikte daarbij een breed publiek, jong en oud, hoog en laag opgeleid. Dat is zeldzaam. Veel kunst deelt haar publiek op in wie het snapt en wie niet. Brede komedie doet het omgekeerde. Ze verzamelt mensen die verder weinig gemeen hebben rond dezelfde grap. Voor een land dat na een oorlog weer één geheel moest worden, is dat verzamelen zelf van waarde.
Waar het bewijs ophoudt¶
Hier hoort een eerlijk voorbehoud. Dat de humor van Van Duin voor een generatie als verwerking werkte, is een afgeleide bewering, geen gemeten feit. Ik heb geen onderzoek dat de rouwverwerking van naoorlogse kijkers koppelt aan zijn uitzendingen. Wat ik heb is een historische context, een bekend mechanisme uit de psychologie van humor, en de omvang van zijn publiek over decennia. Daaruit leid ik af dat het effect er was. Ik meet het niet.
Ik zet dat er expres bij, omdat ik in mijn andere werk streng ben op het verschil tussen wat ik meet en wat ik vermoed. Diezelfde streng hoort ook hier. De observatie staat, maar het bewijsniveau is dat van een goed onderbouwd vermoeden, gedragen door historische context en algemene kennis over hoe humor werkt.
Waarom ik dit opschrijf¶
Ik schrijf elders in dit manuscript dat weerstand mensen vormt en dat comfort dat verhindert. Dit is de andere kant van diezelfde gedachte. Weerstand vormt, en toch draagt niemand haar droog. Er is iets nodig om het uit te houden, en komedie is daar een van de sterkste vormen van. Zonder iets om de last te verlichten, breekt de mens onder de weerstand die hem zou moeten vormen.
We noemen komedie licht vermaak en zetten haar onderaan de ladder, onder drama en onder kunst. Ik denk dat dat een misvatting is. De ernst krijgt vanzelf status, want ernst oogt belangrijk. Komedie moet haar plek verdienen tegen het vooroordeel in dat ze niet meetelt. Maar wie een land na een oorlog aan het lachen krijgt, houdt iets overeind wat met ernst alleen niet overeind blijft. Dat is werk van het hoogste soort, ook als het eruitziet als flauwekul.
Het waarderen van dat werk vraagt om een omkering van de blik. We meten belang vaak af aan hoe zwaar iets oogt. Een tragedie oogt zwaarder dan een klucht, dus krijgt de tragedie het respect. Maar het effect op mensen loopt niet mee met dat gewicht. Een grap kan iemand een avond, of een leven, lichter maken, en de tragedie kan langs hem heen glijden. Als je op effect meet in plaats van op uiterlijk gewicht, verschuift komedie omhoog. Ik schrijf dit op omdat ik diezelfde omkering in mijn andere werk nodig heb. Wat er belangrijk uitziet en wat er werkelijk toe doet, zijn niet hetzelfde, en de gewoonte om het uiterlijk voor de zaak aan te zien, kost ons de blik op wat echt werkt.
Zie ook Doorstane tegenslag vormt mensen sterker dan comfort, Een fobie is zekerheid zonder bewijs en Elke generatie krijgt het verwijt verwend te zijn, ook de mijne.
- Andre van Duin, "Ik ben gelukkig", autobiografie, 2018zijn eigen verslag van rouw naast het vak