echnisch juiste uitspraken kunnen een verkeerde indruk wekken
Naast liegen en verzwijgen bestaat een derde soort: iets zeggen wat klopt maar de verkeerde indruk wekt. Wie zegt dat hij de toegang snel afsloot, maar alleen de sessie introk en niet de sleutel, spreekt geen onwaarheid en misleidt toch. Die categorie hoort apart benoemd.
Drie manieren om iemand op het verkeerde been te zetten¶
In verantwoordingsteksten kom ik drie soorten onwaarheid tegen, en ze worden vrijwel altijd op een hoop gegooid.
De eerste is de leugen: er staat iets wat aantoonbaar niet klopt. Zeldzaam, want gevaarlijk. Wie liegt in een verklaring aan een toezichthouder, heeft een probleem zodra iemand het naslaat.
De tweede is het verzwijgen: wat er staat klopt, maar het beslissende feit ontbreekt. Ook riskant, want een gat is aanwijsbaar.
De derde heeft geen gangbare naam en is daarom het handigst. Elke zin klopt, er ontbreekt formeel niets, en toch houdt de lezer er een beeld aan over dat niet overeenkomt met wat er gebeurde.
Het voorbeeld dat het scherpst maakt¶
Bij een toetsing van tien uitspraken over een datalek viel er een in deze derde categorie.
Het bedrijf zei dat het de toegang snel had beëindigd. Dat is waar. Wat er gebeurde, was dat de sessie werd ingetrokken. Het onderliggende token bleef geldig, en over meerdere dagen werden miljoenen records weggesluisd.
Elke afzonderlijke bewering in die zin is verdedigbaar. Er is toegang beëindigd, en het ging snel. Alleen wekt de zin bij iedere lezer de indruk dat het weglekken daarmee stopte, en dat gebeurde niet.
Je kunt zo'n zin niet weerleggen door hem onwaar te noemen. Je kunt alleen het verschil laten zien tussen wat er staat en wat een redelijke lezer eruit opmaakt.
Waarom het een eigen categorie moet zijn¶
Zolang dit onder liegen wordt geschaard, verlies je het gesprek. De organisatie kan aantonen dat elke zin klopt, en de discussie is voorbij. Jij staat er dan bij als iemand die overdreef.
Zolang je het door de vingers ziet omdat het technisch waar is, verlies je ook, want dan kan iedereen elk incident wegschrijven zonder één onwaarheid te gebruiken.
De uitweg is het benoemen als eigen soort, met een eigen toets. Niet: is deze zin waar. Maar: welk beeld houdt een redelijke lezer aan deze zin over, en komt dat overeen met wat er is gebeurd?
Dat is een toets die je kunt uitvoeren en die je kunt onderbouwen, en die niemand kan afdoen als een verwijt van liegen.
Hoe je het herkent¶
Een paar patronen die ik telkens terugzie.
- Het werkwoord dekt minder dan het lijkt. Toegang beëindigd, maatregelen genomen, systeem afgesloten. Vraag altijd: welk onderdeel precies, en werkte de rest nog?
- Snelheid zonder uitkomst. Binnen een uur gehandeld zegt niets over of het handelen hielp.
- Getallen zonder noemer. Een klein percentage van de klanten klinkt geruststellend tot je weet hoeveel klanten er zijn.
- Verleden tijd voor iets wat nog loopt. De gegevens zijn verwijderd, terwijl kopieën bij verwerkers nog leven.
- Passieve vorm bij de kern. Er is toegang verkregen, in plaats van wij lieten toegang bestaan.
Geen van deze is bewijs van kwade opzet. Vaak schrijft een jurist gewoon zo verdedigbaar mogelijk op. Het effect is hetzelfde.
Waarom ik hier streng in ben¶
Omdat mijn hele vak op dit onderscheid drijft. Ik meet wat een systeem doet en leg dat naast wat een organisatie erover zegt. In vrijwel elk dossier zit het verschil niet in een leugen maar precies hier: in een zin die klopt en de verkeerde indruk wekt.
En de eerlijkheid gebiedt dat ik hem ook op mezelf toepas. Ik kan ook schrijven dat vierendertig partijen meelezen op een overheidspagina, technisch juist, terwijl de lezer daaruit opmaakt dat die vierendertig allemaal persoonsgegevens ontvangen. Dat is precies dezelfde fout, met mijn naam eronder.
Zie ook Label elke bevinding op bewijsniveau, Beargumenteer eerst het tegendeel van je eigen bevinding en een verklaring en de code kunnen elkaar tegenspreken.
→terug te vinden in De Odido-reconstructie
- Mijn artikel: De Odido-reconstructiede gepubliceerde zaak waar deze notitie uit volgt